Ayutthaya

Gepubliceerd op 25 april 2026 om 18:42

Een plaats met een omineuze naam. De overwinnaars van Sukhothai. Met een plaatsnaam die teruggaat naar Ayodhya in India, de geboorteplaats van de Hindoegod Rama. Hoewel het boeddhisme dus teruggrijpt op een heleboel hindoe-elementen en zijn oorsprong heeft in India, hebben we daar verbazingwekkend weinig boeddhistische tempels aangetroffen. Misschien ligt dat aan de regio's die we bezocht hebben, of misschien hebben we gewoon niet goed genoeg gekeken. Hier in Thailand heeft het boeddhisme wel genoeg voet aan de grond gekregen, in ieder geval. En zien we de verwijzingen naar India en het hindoeïsme toch steeds met een beetje verbazing en herkenning aan.

Nederlanders in Siam

Behalve Indiase invloeden, vonden we hier in Ayutthaya ook een Nederlandse geschiedenis! Het is alsof we het opzoeken. Onze host in de homestay Rabbit House wees ons op de Dutch village die een klein stukje verderop ligt. Het gaat onder de naam Baan Hollanda. Het is een informatiecentrum over de geschiedenis van de Nederlanders in Ayutthaya. Het ligt op een stuk land dat in 1608 door de toenmalige Siamese koning Ekathotsaroth aan de Hollanders werd gegeven waar ze hun handelspost van de VOC mochten vestigen.  Ayutthaya was in die tijd de hoofdstad van het koninkrijk Siam en een van de belangrijkste handelssteden in Zuid-Oost Azië met naar schatting 150.000 tot 300.000 inwoners. Er waren mensen van allerlei nationaliteiten te vinden. Zo zaten er vlakbij de Nederlanders ook handelsposten en woongebieden van Portugezen, Japanners, Chinezen, Vietnamezen, Maleisiërs en Birmezen.

De Nederlanders konden Thailand bereiken dankzij het boek "Itinerario, voyage ofte schipvaert naer Oost ofte Portugaels Indien 1579-1592" van Jan Huyghen van Linschoten. In zijn boek had hij navigatiekaarten opgenomen die de geheime Portugese kennis over de zeeroutes naar Azië lieten zien. Hij had die routes leren kennen terwijl hij in Goa voor de Portugezen werkte. Het werk van Linschoten legde het fundament voor de oprichting van de VOC. Hij bedacht de route door de Straat Soenda om de Straat van Malakka te mijden, die onder controle stond van de Portugezen en waar ook piraterij plaatsvond.

De Nederlanders blijken van groot belang geweest voor het in kaart brengen van de geschiedenis van het koninkrijk Siam. Dat had te maken met de eigenaardigheid dat de Nederlandse handelsreizigers van alles opschreven over wat ze op hun verre reizen tegenkwamen. In de VOC-archieven zitten talloze brieven, rapporten, dagboeken, scheepslijsten, rekeningen en andere documenten. Deze archieven beschrijven een periode van bijna twee eeuwen waarin er in het Koninkrijk Siam nog vrijwel niets gedrukt werd. Belangrijke werken zijn Joost Schoutens Beschrijving van het Koninkrijk Siam (1636) en Beschrijving van het Koninkrijk Siam (1638) en Korte Geschiedenis van de Koningen van Siam (1640) van Jeremias van Vliet. Ook voor de plattegrond van Ayutthaya was men afhankelijk van Nederlandse en andere Europese tekeningen en schilderijen.

restanten van de handelspost

Van de Nederlandse handelspost zelf is vrij weinig teruggevonden. Archeologische opgravingen lieten enkele funderingen van stenen huizen zien. Verder zijn er wat potscherven en VOC-munten gevonden.

Bij de fundamenten van de oude factorij vonden wij wel een nest van de Thaise roodwangkievit. Het vrouwtje zat te broeden en waarschuwde het mannetje. Dit mannetje bewaakt het nest fel zoals onze kievit, maar maakt een luid en schel geluid en voert schijnaanvallen uit. 

In het kader van de internationalisering, en ons komende bezoek aan Japan, hebben we ook een kijkje genomen bij het Japanese Village, een kilometertje verderop. Beide nederzettingen lagen langs de Chaophraya-rivier, die bij Bangkok uitkomt in de Golf van Thailand. De Japanners hebben lange tijd rechtstreeks met Siam gehandeld, tot Shogun Tokugawa Iemitsu besloot dat Japan een gesloten land zou zijn. Hij wilde vooral de invloed van het christendom buiten de deur houden. Veel Japanse christenen waren toen al naar Ayutthaya gevlucht en konden niet meer terug naar Japan. De Nederlanders mochten nog wel met Japan blijven handelen, en kregen daar zelfs hun eigen eilandje, Deshima (maar daarover waarschijnlijk later nog wel meer!). Siamese goederen werden vanaf die tijd door de Nederlanders naar Japan vervoerd.

Vanaf 1765 werd het koninkrijk Siam onder de voet gelopen door het Birmese Konbaung-rijk. In 1767 bereikten de troepen Ayutthaya, met verwoestende gevolgen. Kort daarvoor waren de Nederlanders al als dieven in de nacht uit Siam verdwenen.

Boottocht rond de stad

Ayutthaya is eigenlijk gebouwd op een eiland tussen de Khlong Muang, Prasak en Chaophraya-rivieren, en bevat verder nog een groot aantal kanalen. Het was dus een leuke optie om de stad vanaf het water te bekijken. Tijdens de rondvaart zouden we bij een drietal tempels stoppen.  Samen met zes andere toeristen stapten we in de lage rivierboor die ons rond de stad zou varen. De motor maakte een hels kabaal terwijl de stroomafwaarts tuften, op weg naar de eerste stop. Tijdens de vaart gingen we steeds iets verder terug in de tijd, leek het wel. 

De eerste tempel die we aandeden was de Wat Phanan Choeng. Een tempel met een enorm gouden boeddhabeeld van maar liefst 19  meter hoog. Maar minstens zo leuk was het chinees-boeddhistische altaar dat er vlak naast stond.

De tweede tempel waar we uitstapten was de Wat Phutthaisawan. Omgeven door een gallerij met tientallen boeddha's stond een hoge witte stoepa. En achter dit gebouw lag een ruïne van een oude tempel, waar de nieuwe gewoon tegenaan gebouwd was.

Als laatste stopten we bij de Wat Chaiwatthanaram. De restanten van deze tempel uit het oude Ayutthaya vormden een idyllische omgeving voor het maken van portretfoto's in traditionele Thaise klederdracht, merkten we.

Na deze culturele indrukken voeren we nog een stuk verder; we waren nog niet halverwege de boottocht. En het misschien wel leukste deel van de vaart moest nog komen. Het begon met opgewonden gepraat en gewijs door één van onze bootsmaatjes. Ze had een beest gezien. Toen ging de kapitein er ook op letten, en stuurde zijn bootje opzij en zette de motor zacht. Zo konden we allemaal het bijzondere beest zien dat door het water gleed. En Even later nog één: Een watervaraan. Een enorm beest van bijna twee meter lang dat soepel zwemt als een krokodil, maar gelukkig lang niet zo gewelddadig is. Het werd echt grappig toen onze kapitein met een hoog stemmetje gilde: "Baby, baby!!" En verrek, daar klom een kleintje net het water uit. En kort daarna nóg meer hilariteit: "Baby, baby!!" Een varaantje ter grootte van een flinke mannenhand zat te soezen in de ondergaande zon.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.