Op grote hoogte

Gepubliceerd op 20 april 2026 om 17:33

Net als in iedere plaats in Thailand, vinden we hier in Lampang in bijna iedere straat wel een tempel. Maar de meest bijzondere tempel die we tot nu toe bezocht hebben, ligt een eindje uit de buurt van Lampang.

We huurden een taxi voor de rit van 50 kilometer enkele reis; of tenminste, iemand van onze herberg regelde het. De taxi bleek een personenbusje te zijn; beetje over de top voor ons tweeën, maar goed.  Thailand is overigens echt ingericht op de autorijder. Ze zijn dol op asfalt en beton. Lange, brede, rechte wegen; ook de steden die we gezien hebben zijn ruim opgezet met meerbaanswegen. Desondanks wordt er niet hard gereden en deden we ruim een uur over deze afstand.

Op weg naar boven.

Onze taxi stopte op de parkeerplaats halverwege een berg. Vanaf hier mocht hij niet verder. Maar het leek me nogal een flink eind wandelen. Gelukkig konden we bij de balie een kaartje kopen waar een shuttle naar het beginpunt van de klim bij in zat. De shuttle bestond weer uit een pick-up met twee bankjes achterin onder het afdakje. Het was duidelijk dat de chauffeur de route bijna kan dromen, want hij trapte flink op het gaspedaal. De auto danste omhoog en omlaag over een vrij smal slingerweggetje, wat ons nog het meest deed denken aan een ouderwetse achtbaan. Me moesten ons bij vlagen stevig vast houden, als de weg steil omhoog ging, om te voorkomen dat we naar het uiteinde van het bankje zouden glijden. We scheerden akelig dicht langs afgronden, althans zo leek het vanuit de achterbak. Maar we kwamen veilig aan bij het startpunt van de klim. Vanaf hier zouden we er nog ongeveer drie kwartier tot een uur over doen.

Het pad was goed begaanbaar en breed aangelegd, dus we gingen goedgemutst op weg. Nog 850 meter. Na een korte wandeling van zo'n driehonderd meter, kwamen we bij een trap. Dat hebben we deze reis natuurlijk al vaker gedaan. Maar deze trap was meer dan 500 meter lang. Soms met kleine stapjes en een stuk looppad ertussenin, dan weer een stuk met hoge treden en een steile klim. We kwamen ook nog een hangbrug tegen onderweg. En 8 pleisterplaatsen, waar we even konden zitten om uit te blazen, en waar meestal ook een EHBO-doosje stond, voor kleine ongelukjes, en een plakkaat met noodnummers die gebeld konden worden. We waren helemaal alleen op de trap. Het enige geluid dat we hoorden wat het enorm luidruchtige getsjirp van ciccades.

Wat Chaloem Phra Kiat Phrachomklao Rachanusorn

Ondanks herhaaldelijk uitpuffen, kwamen we hijgend bij de top aan. Hier stonden een paar mandapas met boeddhabeelden, en een enkele stoepa. En een heleboel bellen en een enkele gong, met hamers erbij, die schreeuwden om aangeslagen te worden. Wij waren ze natuurlijk graag ter wille. Maar we konden nóg hoger, en stonden toen echt "on top of the world". Ondanks de mist (luchtvervuiling) was het uitzicht adembenemend. De houten vloeren onder onze voeten leken niet erg stevig meer, misschien dat dat ook een rol speelde. In de diepte zagen we de parkeerplaats liggen en op de bergtoppen links en rechts van ons zagen we de stoepa's van de zwevende tempel, zoals deze ook wel genoemd wordt. Het leek wel of de bergtoppen kleine hoedjes op gekregen hadden. De meesten belvormig en wit, maar ook een van metaal, en een paar die versierd waren met spiegeltjesmozaiek. De stilte werd alleen onderbroken door het getingel van belletjes in de milde wind die rond ons blies. Het was werkelijk een plek om stil van te worden.

Deze pagoda's staan pas een jaar of tien op deze bergtoppen. Ze zijn door een devote monnik en een team van vijftig arbeiders stuk voor stuk naar boven gedragen en geplaatst, in een poging een heiligdom te creëren dat letterlijk dicht bij de hemel zou liggen. Wat een werk moet dat geweest zijn.... De trappen die wij hebben gebruikt, waren er toen nog niet. Die zijn pas nog weer later aangelegd. Ook al een monnikenwerk.....

De voetstappen van de Boeddha

Nadat we boven op de rotsachtige berg alles bekeken hadden en tot ons hadden laten doordringen, begonnen we aan de afdaling. De weg omhoog was redelijk pittig, de weg naar beneden was nog veel spannender. Goed ervoor zorgen dat de voeten stevig op de trap staan voordat je de volgende stap neemt. En we waren natuurlijk al een beetje  moe van de klim, dus we namen rustig de tijd. Pas toen we bijna onderaan de trappen waren, kwamen we een groepje toeristen tegen die net aan hun klim begonnen waren.

Bij het startpunt waren ook verschillende heiligdommen gebouwd, en er leidde een pad naar de voetstappen van de Boeddha. We moesten toch wachten op de pick-up om verder omlaag te gaan, dus terwijl Simon de aangelegde grottempel bekeek, ging ik op weg naar de voetstappen. Na ongeveer 150 meter, trof ik weer een tempel. En daar, in de rotsen, zag ik afdrukken die inderdaad van voeten zouden kunnen zijn, gezien de vorm. Ik moet wel zeggen dat Boeddha op zeer grote voet leefde, want de indrukken in de rotsen waren zeker een halve meter lang. De weg naar de voetstappen was versierd met slingers en veelkleurige Tung Mae Mung (een soort mobiles, een typische Thaise versiering die veelal gebruikt wordt bij religieuze festivals en ceremonies) en ook de plaats van de voetafdrukken was versierd.   

De pick-up truck kwam en we stapten in. Weer in de achtbaan, maar nu naar beneden. Dus iets minder kans om achteruit uit de bak te tuimelen. We waren wel blij toen we weer bij onze taxi waren. Onze chauffeur reed oin ieder geval een stuk rustiger, en bovendien was er een goede airco in de bus. Want ondertussen hadden we het toch wel warm gekregen.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.