Dat was weer eens wat anders, de nachttrein. Gisteravond stapten we in Jaipur in de slaaptrein. Vanochtend om 6 uur kwamen we 500 kilometer zuidelijker aan op het station van Indore. Een andere stad , een andere staat. Indore is de grootste stad van Madhya Pradesh met ruim 5,5 miljoen inwoners. De stad is al acht jaar op rij tot de schoonste stad van India gekroond, al zou je dat niet zeggen.
In zo'n nachttrein slaap je wel, maar niet zo lekker. We kwamen dan ook redelijk moe aan, en gingen op zoek naar een koffietent en een hotel. De koffietent was snel gevonden met Google maps en na een licht ontbijt gingen we op hoop van zegen af op een hotel een paar straten verderop. Indore is een stad die -op zijn zachtst gezegd- niet echt ingericht is voor voetgangers. In verschillende straten staan er hekken in de middenberm om te voorkomen dat tuk-tuks en taxi's U-bochten nemen. Dan kun je dus ook de straat niet oversteken en wordt je gedwongen enorme stukken om te lopen. Hotel Suffa International werd zonder ongelukken bereikt en had een kamer beschikbaar. Een uurtje later zaten we moe op onze nieuwe hotelkamer. Fijn om even lekker te douchen en een kort uiltje te knappen.
Rajwada Palace
We wilden in de middag toch nog even op pad. We startten op een paar honderd meter van het Rajwada Palace. De straat naar Rajwada Palace is een lange keten van kledingwinkeltjes, waar voor de afwisseling ook veel herenkleding te koop was. Wellicht tijd voor een extra kurta voor mij, want in de andere loop ik nu al weer een paar dagen rond, maar dat is van later zorg. Het Rajwada Palace is een historisch paleis uit de Holkar-periode, tussen 1720 en 1947. We hebben het dus over relatief recente geschiedenis, waarbij de Holkars een groot deel van de tijd regeerden als Prinselijke staat onder de Britten. Het paleis was niet enorm groot, en ook veel minder uitbundig versierd dan de paleizen in Jaipur.
Vlak bij Rajwada Palace lag de Gopal Mandir, een hindoeistische tempel. We liepen kort naar binnen (schoenen uit) want Hindoeistische tempels zijn toch altijd mooi van binnen. In de tempels heerst vaak een serene sfeer, weg van de drukte van de drukke markten, de eettentjes en het getoeter op straat.
Na de tempel was het tijd voor wat eten en een nieuwe fles water. De temperatuur overdag loopt in de felle zon toch snel op naar boven de 28 graden. Bij een straatverkoper bestelden we een hapje dat verassend lekker was. Geen idee wat we gegeten hebben. Jaklien werd door een oudere dame uit de Punjab aangesproken. Haar man was duidelijk een Sikh en kreeg de taak om ons te fotograferen. Ze was een aanhanger van Guru Gobind Singh. Dat wordt weer huiswerk. Zoals we gewoon zijn namen we weer een foto terug :)
Nog een stukje terug lopen, weer langs alle kledingzaakjes naar de Saraswati rivier die dwars door de stad loopt. Daar staan tenslotte ook de tombes van de overleden Holkar-heersers.
Lal Bagh Palace
De bouw van dit paleis begon in 1886, onder Majaradja Tukojirao Holkar II en werd in 1926 door zijn kleinzoon, de laatste Maharadja Tukojirao Holkar III uit de Holkar Dynasty, uitgebouwd. Hij er woonde tot aan zijn dood in 1978. In de jaren daarna ging het paleis snel achteruit door gebrekkig onderhoud (diefstal van de antieke inrichting, lekkende daken, afbladderende verf een een brand op de bovenste verdieping. Pas na 1987 werd het aangekocht door de overheid en omgebouwd tot museum. Het gebouw ligt op een terrein van zo'n 30 ha. Het paleis is ontworpen door Bernhard Triggs, een Britse architect die werkte vanuit Calcutta. Het ontwerp en de inrichting werden gemaakt in India, maar geproduceerd in Europa en vervolgens weer naar India geëxporteerd. Het is een bijzondere mengeling van Indiase en Europese bouwstijlen. Barok, Renaissance maar ook Jugendstil-achtige elementen zijn er terug te vinden. De Indiase bezoekers keken hun ogen uit naar de dinerzalen en de plafondschilderingen. Naast het paleis hebben ook de omliggende tuinen met beelden van koningin Victoria en prins Albert en een groot aantal leegstaande fonteinen nog wel wat onderhoud nodig. Desondanks straalt het paleis een grandeur uit die we tegenwoordig nog maar weinig tegenkomen in zuinige en strakke naoorlogse gebouwen. Dat had dan weer met de rijkdom van de Maharadja te maken.
Reactie plaatsen
Reacties