Stad van de Samoerai

Gepubliceerd op 7 mei 2026 om 17:33

De volgende dag namen we inderdaad toch de trein naar Kanazawa. Een stad die ons ook al was aangeraden in het e-boek dat we bij onze railpasses hadden gekregen. Er is een kasteel, natuurlijk verschillende tempels en altaars, een mooi park en een oud deel van de stad, dat ook wel Klein-Kyoto wordt genoemd: De oude samoerai-wijk. Genoeg redenen om deze plaats te bezoeken dus. Bij aankomst bleek al wel dat we zeker niet de enige toeristen waren in deze -voor ons onbekende- stad.

We besloten het wel rustig aan te doen. We kwamen te vroeg aan om al te kunnen inchecken bij het hotel. We lieten onze bagage er achter en gingen op pad.

Kanazawa Castle

Ons eerste doel was Kanazawa castle. We wandelden langs een brede weg, met hotels, kantoren en luxe warenhuizen, waar we een korte stop maakten om koffie en een kop Japanse thee te drinken. Toen we onze weg vervolgden, kwamen we allereerst weer een tempel tegen.

De Oyama Jinja is een oud Shinto-altaar, dat werd opgericht in 1599, voor de eerste daimyo (krijgsheer) van het Kaga-domein, van de clan Maeda. De toegangspoort stond bovenaan een trap, waardoor hij nog imposanter werd. Deze poort (uit 1875) heeft een klein Nederlands tintje: de glas-in-lood ramen 

op de bovenste verdieping. Dit zie je nergens anders in de Shinto-architectuur. Onderdeel van het complex was een mooie tuin waar we even hebben genoten van de rust.

Vlak achter dit heiligdom kwamen we de eerste muur van het Kanazawa kasteel tegen. De verwachtingen waren hooggespannen, maar werden al vrij snel de grond in geboord. Het kasteel zelf bestaat niet meer. In 1546 begonnen als een tempelcomplex, werd het vanaf 1580 omgebouwd tot een versterkte vesting. Maar het houten kasteel heeft een dramatisch verleden. Het complex is in de navolgende eeuwen maar liefst vijf keer geheel of gedeeltelijk afgebrand en vervolgens weer opgebouwd. Behalve de vestingmuren heeft niet veel de tand des tijds doorstaan. Wat de prefectuur nu aan het doen is, is het kasteel in zijn geheel aan het herbouwen. Goed voor het toerisme. Voor ons waren er een tuin van een kasteelvrouwe, een tweetal (herbouwde) poorten en een paar pakhuizen om te bekijken. De zilverwitte tinnen daken zijn wel al spectaculair. Het wordt vast schitterend als de herbouw klaar is, vermoedelijk in 2033.

Renroku-en Park

Naast het kasteel ligt een fantastische tuin: Kenroku-en. deze bezochten we de volgende dag. Ooit de privétuin van de Maeda-daimyo, maar na de Meiji-restauratie in 1874 opengesteld voor het publiek. Het is één van de drie oudste en belangrijkste tuinen van Japan en is gebouwd volgens de zes klassieke schoonheden: ruimte, rust, kunstmatigheid, ouderdom, waterbronnen en uitzichten. We hebben er uren rondgedwaald en genoten van de schitterende uitzichten en de rust. We zagen tuiniers op hun knieën de grassprietjes tussen het mos wegsnijden met een klein mesje. Maar ook de iconische Kotoji-toro lantaarn, die hét symbool van Kanazawa is geworden. Ook stond er een groot standbeeld ter nagedachtenis aan keizer Meiji, die het park aan het volk had gegeven. Er waren kabbelende beekjes, kleine watervalletjes en grote karpers in de vijver. Duizend tinten groen en ondanks de vele bezoekers een oase van rust.

Naast het park bevond zich een altaar bij een heilige bron. Deze bron wordt gezien als de naamgever van de stad Kanazawa. In de naastgelegen tempel wordt de witte slang-draak god vereerd, als brenger van voorspoed. 

Ons bezoek aan de tuin bevestigde wat we natuurlijk eigenlijk al wisten: Simon begint een oude man te worden. 65+ers hebben gratis toegang tot het park

Higashi samoerai-wijk

Toen met de taxi naar de andere kant van de stad. Hier bevond zich de oude Samoerai-wijk. In de oude, houten huisjes van deze wijk, wonen nog gewoon mensen. Maar veel van de huisjes zijn omgebouwd tot winkels, ateliers, restaurantjes en wal al dies meer zij om de toerist te bedienen. Kanazawa staat als sinds de 16e eeuw bekend om het maken van bladgoud. Sterker nog: 99% van het Japanse bladgoud wordt hier gemaakt. De goudlegering (voor de stevigheid zit er een minuscuul beetje koper en/of zilver in) wordt platgeslagen tot een dikte van 1/10000ste milimeter. Het wordt gebruikt in aardewerk, kunstobjecten en religieuze objecten. Maar hier in de Higashi-Chaya kun je het ook zelf aanbrengen op bijvoorbeeld serviesgoed en wordt het ook als eetbaar goud op allerhande voedingsmiddelen aangebracht. Bijna ieder aanwezig winkeltje biedt wel iets met Kanazawa bladgoud aan.

Wij zijn ons ook te buiten gegaan aan het eten van een typisch Kanazawa softijsje met een compleet vel bladgoud. Vreselijk decadent en twee keer zo duur als een ijsje zonder bladgoud. Ziet er spectaculair uit, maar je proeft er niks van. En als edelmetaal wordt goud ook niet opgenomen door je lichaam. De komende dagen dus maar goed de wc uitpluizen. Simon trof vanavond geen laagje goud aan op zijn wc-papier :(

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.