Fatehpur Sikri, de verlaten stad

Gepubliceerd op 4 februari 2026 om 06:41

Een paar weken gelden kregen we van Canadezen, die al veel vaker in India waren geweest, de tip om, als we Agra aandeden, dan ook een bezoek te brengen aan Fatehpur Sikri. We huurden een taxi voor de dag, want Fatehpur Sikri ligt op zo’n 50 kilometer van Agra, een uurtje rijden. We moesten uitstappen bij de parkeerplaats.

Fatehpur Sikri betekent Stad van de overwinning, gelegen bij (het dorp) Sikri. In Fatehpur stond het paleis van Akbar de Grote, dat hij liet bouwen vóórdat hij naar Agra Fort verhuisde. Het belangrijkste gebouw in de stad is echter de moskee, en daarin de tombe van Salim Chishti. Akbar begon al op leeftijd te komen, maar had nog geen zoons om de lijn voort te zetten. Deze Soefi-heilige voorspelde dat Akbar nog drie zoons zou krijgen. Hij kreeg gelijk, en als dank liet Akbar de moskee met daarin het mausoleum bouwen.

Bijzonder aan de moskee, is dat er het Ibadat Khanna is, een gebouw waar onder leiding van de keizer interreligieuze gesprekken werden gehouden, waar later ook Christenen aan deelnamen. De keizer was zeer ruimdenkend, want hij had naast zijn moslimkoningin, ook een hindoe-koningin en een christelijke. Het paleis ligt naast de moskee. Beiden liggen hoog op een heuvel, uitkijkend over het omliggende land, en de stad lag er omheen. Helaas is het hele complex niet lang in gebruik geweest. Een paar jaar na voltooiing werden alle gebouwen verlaten. Waarschijnlijk door een watertekort, veroorzaakt door de ligging op de rotsachtige heuvel. Wij hadden een ruine-achtige stad verwacht waarin we lekker ongestoord konden rondstruinen. In tegendeel, dit was ook een tourist trap waarbij argeloze “foreigners” ten opzichte van Indiase bezoekers, zo veel mogelijk financieel uitgekleed worden.

Meteen nadat we uit de taxi stapten werden we overspoeld door een drietal “gidsen” die ons alles in een uurtje zouden laten zien, met uitleg anders zouden we er niks van begrijpen. En dat alles tegen een tarief dat minstens 3x hoger light dan de officiële tarieven voor buitenlanders. Maar eerst moesten we naar de opstapplaats van de pendelwagen: de hele dag werd er met verlengde golfkarretjes heen en weer gereden van de parkeerplaats naar de ingang, zo’n anderhalve kilometer verderop. In zo’n golfkarretje voel je je net zo’n bejaarde toerist, zoals er hier tientallen rondlopen, met oortjes in, netjes achter de reisleider aan..

Een zeer volhoudende jongeman (“I am student boy, no guide, I help you.”) bleef het maar proberen. Hij kon ons in de pendel krijgen zonder de wachtrij. En zou de kaartjes voor ons regelen, en zorgen dat we onze schoenen gratis weg konden zetten bij de moskee, en… en…. en….

We sloten achteraan de rij voor de golfkarretjes, en konden in het eerstvolgende karretje al instappen. Hij bleef achter. Later zagen we hem met een ander blank stel rondlopen tussen de paleizen. Had-ie nog een nieuw slachtoffer gevonden. Bij de ticketcounter kochten we de toegangskaartjes online, dat gaf weer 50 roepies korting p.p., ondanks dat de zich daar bevindende gids het afraadde. Download zou niet goed gaan. Binnen twee minuten hadden we onze digitale kaartjes. En waren we erachter dat, als we op de eerste “gidsen” zouden zijn ingegaan, we meer dan het dubbele zouden hebben betaald. Een volgende “behulpzame” gids liep al pratend met ons mee naar binnen, maar wij wisten hem af te schudden. Eindelijk rust. Ze brengen hun praatjes als service, maar het is vooral bloedirritant.

De rode stenen gebouwen van keizer Akbar waren weer imposant. In de typische stijl, die we ook al in Agra Fort hadden gezien. Zware stenen plafonds, vaak gebeeldhouwd en soms kleurrijk beschilderd (geweest). Heerlijk om op eigen houtje in die oude tuinen en paleizen rond te struinen en de achtergronden van de gebouwen te achterhalen. Soms tegen de stroom in, soms even meeluisteren wat een reisleider zijn toehoorders vertelt, Dan weer een hoekje om gaan waar ineens niemand meer is. In een van die hoekjes werden we aangesproken door een tuinman, die ons -uiteraard tegen een kleine vergoeding- van alles over de gebouwen zou vertellen. Nee, dank u. (We zouden hem het komende uur  nog een paar keer tegenkomen, of was hij ons gevolgd?) Ondertussen maakten we weer tientallen foto’s. Een paar Indiase jongeren waren een dansje aan het filmen voor op Instagram. Speciaal voor ons werd het dansje nog een keer gedaan.

Na het keizerlijke complex van Fatehpur was het een klein stukje lopen naar de moskee. Onderweg kochten we een paar mandarijnen, die ze hier oranges (sinaasappels) noemen.  En werden we weer aangeklampt door verkopers van zogenaamd zelfgemaakte kettingen, armbanden, etc., en jongetjes die koelkastmagneten verkochten. Er stond een groot bord naast de moskee, waarop telefoonnummers om te bellen als je lastiggevallen werd door bedelaars of verkopers. Één keer dreigen te bellen, of richting een beveiliger lopen, werkte als een tierelier.

De moskee was -natuurlijk, zou je bijna zeggen- weer enorm indrukwekkend. De toegangspoort, bovenaan een steile trap omlaag naar het dorp, was heel bijzonder vormgegeven aan kant van het binnenplein. Aan de buitenkant was hij weer ingelegd met marmeren figuren en versierd met gekalligrafeerde Koranteksten. Net niet in het midden van het plein, lag de marmeren tombe van Salim Chishti. Ook hier werden we weer aangesproken door een zich als behulpzame local voordoende verkoper, die ons wilde rondleiden, en vooral even naar zijn verkoopwaar wilde meetronen. Hij vertelde wel nog een paar interessante weetjes: dat de vrouwen apart van de mannen waren begraven -de mannen buiten op het plein, de vrouwen binnen in gebouwen- en hij liet ons een trap zien, die leidde naar een geheime gang van deze moskee helemaal naar het Fort in Agra, waardoorheen keizer Akbar iedere vrijdag de 40 kilometer tussen beide plaatsen liep om de Salat al-Jumu’ah (de vrijdag dienst) te bezoeken.

Terug met het golfkarretje, werden we afgezet naast een bazaar met een heleboel kleine winkeltjes waar handwerkslieden hun waren konden slijten. Nou zijn we ondertussen erg achterdochtig geworden naar het fenomeen “handwerkslieden” in dit soort oorden, waar veel oog is voor de rijke buitenlandse toerist. Op zich een gezellige plek, waar je ook wat kon eten en drinken, maar wij wandelden door naar de parkeerplaats en zochten onze taxi en chauffeur op. Terug naar Agra.

Aangezien we nog wat tijd op de klok over hadden, zijn we op bezoek gegaan bij de tombe van keizer Akbar de Grote in Sikandra. Zo zou het cirkeltje rond zijn. Ook hier was de poort weer oogstrelend en ontzagwekkend. Leuk detail was, dat er nog drie vergelijkbare poorten waren, maar dat dit neppers zijn. Voor de symmetrie van het hele bouwwerk (een goddelijke noodzaak in Islamitische gebouwen) waren ze erg belangrijk, maar zijn nooit in gebruik geweest. In plaats van dat er een poort in het poortgebouw werd geplaatst, werd de achtermuur dichtgemetseld.

In het hoofdgebouw konden we helemaal doorlopen tot in de grafkamer, waar de tombe stond. Dit deel van het gebouw was saai wit geplamuurd, en niet versierd. De rest was weer volledig in Akbar stijl, met rode steen. De beste man was dan ook al voor zijn dood begonnen met het bouwen van zijn laatste rustplaats.  Wat hebben al die machthebbers toch met van die enorme, immense bouwwerken voor hun laatste rustplaats. Is het grootheidswaan, of "gewoon" een eerbetoon aan de Allerhoogste, bij wie ze zich gevoegd denken? Een beetje als al die grote kathedralen van de katholieken, enorme rijke moskeeën van de moslims, en met goud overladen tempels van hindoes en boeddhisten, terwijl het gewone volk ligt te creperen van de honger. Wat moet je daarmee, als sterveling.

We liepen nog een rondje door de tuin, rond het mausoleum, en gingen terug naar de taxi en de eeuwige verkeerscongestie van de Indiase grote stad in.

Reactie plaatsen

Reacties

Maaike
15 uur geleden

Mooi hoor. Veel plezier nog daar!